De Lutherse Kerk is een 18e-eeuwse monumentale zaalkerk met bakstenen voorgevel. De voorgevel ademt een Frans classicistische geest. De dubbel naar voren springende ingangspartij is geaccentueerd met een fronton. Daaronder is een op pilasters steunende kroonlijst met daarin in de fries in reliëf afgebeeld het Alziend Oog. Ook het dak is voorzien van een brede kroonlijst en fronton. Opvallend is de grote overstek bij deze kroonlijst. De onderste geleding van de gevel is geblokt en als basement op te vatten. Dit zeer hoge basement is bekleed met natuursteen. De boogramen zijn voorzien van een kleine roedeverdeling. Het middelste venster heeft een omlijsting in natuursteen en een door twee consoles gedragen kroonlijst. Daarop rust een sokkel met het jaartal van de bouw.
kerkextrc_klein

Op elk van de vier hoeken van de daknok is een windvaan in de vorm van een zwaan geplaatst. Ook op andere Lutherse kerken in Nederland zult u vaker een zwaan dan een haan als windvaan op het dak of op de toren aantreffen.


De Gereformeerden hebben een haantjede Luthersen hebben een zwaantje

de Roomsen hebben een kruisje

en de Mennisten(doopsgezinden) een houten huisje

In 1847 werd voor de kerk een ijzeren hek geplaatst. Dit is later weer verdwenen. We kennen nu nog alleen de geplaveide stoep.

De legende van de zwaan

De zwaan is een veelgebruikt symbool in Luthers Nederland. De oorsprong hiervan gaat terug naar Johannes

zwaan_klein

Hus, de bekende Boheemse voorloper van de Reformatie. Toen hij in 1415 in Konstanz op de brandstapel stond om daar als ketter verbrand te worden, zou hij hebben gezegd: “Gij braadt heden een gans, maar over 100 jaar komt er een zwaan, die u niet zult braden en die mijn werk zal voortzetten!”. Hus is Tsjechisch voor gans. Deze legende werd later in verband gebracht met het optreden van Luther.
De zwaan heet een muzikale vogel te zijn. Luther hield veel van muziek en componeerde ook zelf. De bewering dat zwanen al zingend met vreugde sterven sprak hem aan. Luther wist waarschijnlijk ook van de ridderlijke zwaanorde (gesticht in 1442) met een zwaan als kenteken en ideaal van evangelische vroomheid.